Vrijdag, 10 mei, 2019

Geschreven door: Coolen, Eva
Artikel door: Verplancke, Marnix

Het zeemonster of de zee

Kooi of uitkijkpost?

De eerste zin

“Alle spijkers die uitsteken moeten naar binnen geslagen worden.”

Recensie

Een jonge vrouw is voor de laatste keer op bezoek in het oude appartement van haar moeder. Met uitzondering van de eettafel zijn de meubels al verhuisd. Terugdenkend aan haar kindertijd, toen ze met haar broer Noah een spel speelde waarbij die tafel een boot was en ze moesten zeggen wat ze zagen, het zeemonster of de zee, gaat de vrouw nog eens onder de tafel zitten – en beslist ze om er te blijven zitten. Wat haar moeder of haar broer Noah ook doen of zeggen, het maakt allemaal geen verschil. De vrouw blijft onder de tafel.

Foodlog

Eva Coolens debuutroman speelt tijdens een harde, bitterkoude winter. Voor haar hoofdpersonage wordt de tafel een schuiloord dat beschermt tegen die kille buitenwereld, maar ook een kooi waarin ze opgesloten zit. Wanneer ze een late vlieg ziet die tegen het raam tikt omdat ze naar buiten wil, bedenkt ze dat je veel kunt zeggen over vliegen, maar niet dat ze zichzelf laten tegenhouden door ervaringen uit het verleden.

Over het verleden van de vrouw kom je slechts mondjesmaat iets te weten. Dat ze al jaren in een nachtwinkel werkt bijvoorbeeld en dat ze haar vader pas op haar elfde voor het eerst ontmoette, en hij haar daarom ‘Elfje’ noemde. Maar wat je vooral bijblijft is dat ze voor haar zesde verjaardag bij McDonalds mocht kiezen of ze zelf frietjes of een hamburger zou bakken, dat ze voor de burger ging en dat dit zo ongeveer de enige keuze is die ze ooit maakte waar ze nadien geen spijt van had.

Het zeemonster of de zee speelt volledig in die ene, op een tafel na lege kamer. In korte, spaarzame zinnen die soms aan regieaanwijzingen doen denken, beschrijft Coolen hoe moeder en Noah de jonge vrouw af en toe sushi of lasagne brengen en hoe ze herinneringen ophalen of hun hoop voor de toekomst met haar delen. Moeder heeft een nieuwe geliefde en showt het jurkje dat ze heeft gekocht om met hem uit te gaan. Noah vertelt dat hij een job heeft als tuinman maar liever filmscenarist zou zijn. Deze mensen waren ver uit elkaar gegroeid, besef je, en die tafel brengt hen weer samen. Maar of ze ook samen de kamer uit zullen varen is nog maar de vraag.

3 vragen aan Eva Coolen

Waarom heb je je vrouw onder de tafel zo schimmig gelaten? We komen heel weinig over haar te weten, zelfs haar naam niet.

Coolen: “Daardoor wordt ze iemand waarmee je je als lezer hopelijk kunt vereenzelvigen. Dat je haar een beetje wordt. Ik wilde een universeel verhaal maken, omdat ik denk dat mensen met hele verschillende achtergronden en ook om hele verschillende redenen kunnen doormaken wat zij onder die tafel doormaakt.”

Iemand die vast zit onder een tafel en daar geconfronteerd wordt met de uitzichtloosheid van het bestaan, dat doet me aan Samuel Beckett denken. Jou niet?

Coolen: “Of aan Kafka’s verhaal De gedaanteverwisseling, merkte ook al iemand op. Het boek is mij net zo goed een beetje overkomen. Pas in een later proces begon ik door te krijgen wat ik aan het doen was en van hoe diep in mij dat kwam. Al schrijvende liet ik de vrouw ‘voor even’ onder de tafel kruipen en dacht vervolgens: en nu komt ze er niet meer onder vandaan. De tafel kan gezien worden als een denkbeeldige kooi waar je gewoon aan alle kanten uit kan. Dat verlamde is iets wat ik ken. Maar er zit wel wat in je vergelijking natuurlijk. Bij Beckett is het het wachten op Godot, die ook nooit komt.’

Je roman had een toneelstuk kunnen zijn. Alles speelt in een kamer met slechts een paar personages. Waarom legde je jezelf die beperking op?

Coolen: “Je hebt heel weinig om handen in een kamer met een hoofdpersonage dat onder een tafel blijft liggen. In feite zat mijn hoofdpersonage niet alleen vast onder die tafel, maar ik net zo goed in het schrijven. Ik behoor tot een generatie die verhalen steeds eenzelfde stramien heeft zien aannemen, als een Hollywoodfilm waarin de held zich door problemen heen worstelt en alles uiteindelijk op zijn pootjes terechtkomt. Ik denk dat ik dat ergens zelfs van het leven ben gaan verwachten. Maar het leven is nu eenmaal geen film, zoals broer Noah zegt. Het leek me heel mooi om een heldin in het verhaal te hebben die niets meer doet, geen dapper gevecht of avontuur. En wat ik daarmee wilde laten zien, was voor mij zo belangrijk dat ik me door alle moeilijkheid van die opzet heen geworsteld heb. Wel grappig jouw vraag trouwens, ik denk dat als ik op mijn leven terugkijk, ik mezelf heel veel beperkingen heb opgelegd. Waarom, ja?”

Eerder verschenen in Knack Focus