Isabella Werkhoven – Een boek van schilderijen / A book of paintings

De poëzie van de stilgezette tijd

[Recensie] Isabella Werkhoven (1969) noemt Een boek van schilderijen een tentoonstelling in boekvorm. Het boek is tot stand gekomen na een crowdfundactie van de kunstenares: “Mijn schilderijen zijn uitgewaaierd. Ik zou ze graag eens bij elkaar willen brengen in een mooi boek.” En mooi is het zeker geworden. Het biedt een overzicht van zeventien jaar werk. Het boek is in het Nederlands/Engels uitgegeven.

Een felgekleurde zwemglijbaan buiten het seizoen, een winterzwembad waarin de startblokken in de winternevel op kruisen lijken, een dampend veld met verlepte zonnebloemen, een verlaten tennisbaan in maanlicht, een hoek op het schoolplein. Als ware het stills uit een film. Onderhuidse spanning. Meteen bedenk je een verhaal als je het ziet. Werkhoven regisseert, geeft richting aan je verhaal, neemt je mee op een avontuur. Je kunt het filmisch schilderen noemen.

“Steeds gaat het om het spel van des- en heroriëntatie, op een plek die je als toeschouwer dacht te kennen.”

Vormgever Gert Jan Slagter heeft een kunstwerk afgeleverd: grote afbeeldingen die over twee pagina’s doorlopen, de zachtgroene tekstpagina’s die de ‘beelden’ vertalen, de foto’s die het begin van een nieuwe serie afbeeldingen inleiden. Bijvoorbeeld de foto die ‘Sol Invictus’ (de onoverwinnelijke zon) inleidt, die genomen is vanuit een hoger standpunt, het doorbrekend zonlicht door het bladerdak van de bomen laat schijnen en plekken op de bodem doet oplichten. Dan volgt een serie schilderijen met een doorbrekende zon die een plek met verlepte zonnebloemen of berenklauwen iets mysterieus, duisters, sprookjesachtigs geeft. Maar de zon breekt altijd door. Dit werk refereert qua sfeer aan werk van Jan Mankes, die net als Werkhoven in dunne lagen de verf aanbrengt. Het is dan ook geen toeval dat Werkhoven eerder in Museum MORE, dat een grote collectie Mankes werken heeft, exposeerde en nu in Museum Belvédère samen met Mankes. De auteurs die meewerken aan het boek associëren op wat ze zien. Zo vergelijkt Wieteke van Zeil (kunsthistoricus, kunstredacteur en cultuurcriticus en schrijfster van de wekelijkse serie Oog voor Detail in de zaterdagbijlage van de Volkskrant), het werk van Werkhoven met scènes uit films van David Lynch en noemt haar werk cinematografisch, het vertelt een verhaal. “De sfeer maakt er een geladen beeld van. (…) Een filmmaker doet het met licht, Werkhoven met verf.” Tommie van Eck heeft het over wat het werk met hem persoonlijk doet, hoe het aan zijn verleden doet denken. Hij schrijft: “Het is blijkbaar mogelijk zo te schilderen dat je de toeschouwer uitnodigt om het schilderij te laten vollopen met zijn eigen onderbewuste.” Haar schilderijen “gloeien van binnen uit” en “diep in het schilderij ligt de lente besloten.” Slagter heeft al die elementen samengesmeed tot een geheel dat je steeds opnieuw verwondert.

Boekenkrant

De beschouwingen in het boek zijn uiterst toegankelijk geschreven en geven prachtig inzicht in het werk van Isabella Werkhoven, brengen het werk dichterbij, maar zet de lezer/kijker ook aan het werk, laat hem/haar het eigen verhaal bij de schilderijen maken.

Sfeer (nu eens idyllisch, dan weer broeierig), spanning, fijnzinnigheid, mysterie en magie zijn associaties die het werk van Isabella Werkhoven oproepen. Ze creëert ‘landschappen’ die je in greep houden, betoveren. Haar werk brengt rust, leert je opnieuw kijken, opnieuw te ontdekken. Ze wordt geïnspireerd door beelden uit haar directe omgeving en geeft die nieuwe betekenis. Je kijkt anders naar een leeg zwembad, een verlaten tennisbaan in de herfst. Herinneringen komen boven en geven een twist aan wat je toen meegemaakt hebt. Mariëtte Haveman (onder meer  uitgever en hoofdredacteur van het tijdschrift Kunstschrift) spreekt over “vluchtige plekken, heimelijk vereeuwigd” en heeft het over de “poëzie van de stilgezette tijd” en “de landschappelijke rafelranden waar de wind regeert’.” Ze gaat ook in op de kunsthistorische context. Ze begint daarbij dichtbij: een speelveld op een bouwterrein waar je hutten bouwde, een verlaten sportveld waar je langs fietste: “de rommelkast van je geheugen.” Het zijn plekken die niet als mooi bedoeld zijn en dat heeft kunstenaars altijd aangetrokken. Haveman illustreert dat onder meer met Gezicht op de tuinen van de Villa Medici in Rome van Velázquez. Een slordig dichtgetimmerde poort doet je je afvragen waarom dat zo gedaan is, wat er achter die poort zit.

Ook Werkhoven komt zelf aan het woord. Ze vertelt over haar manier van werken en wat ze beoogt. “Het begint meestal met het passeren van een plek waar ik een wow-gevoel heb. Vaak is het een samenraapsel van associaties en sensaties: dingen uit de kindertijd, sprookjes, films, het archetype van het bos om in te verdwalen.” Ze noemt het “de innerlijke beeldverzameling.” Ze is geïnspireerd door de film (de lege straten en de bomen uit The Days of the Condor; de vormgever laat met stills en de tekst uit de film zien wat Werkhoven bedoelt) én muziek (getuige de playlist achter in de publicatie). “Ik houd van die open eindes, van het kunnen hebben van meerdere associaties. Dat alles mogelijk lijkt, je even wordt opgetild. De sublieme ervaring. Een korte vlucht uit de werkelijkheid, om weer licht veranderd terug te komen. Dat is kunst toch?”

Tot en met 26 september is Prelude, het voorspel voor de grote overzichtstentoonstelling van Isabella Werkhoven in het voorjaar van 2022, te zien in Museum Belvédère te Heerenveen. Geniet ondertussen van dit boek: een perfecte voorbereiding op de tentoonstelling.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles