Woensdag, 20 januari, 2021

Geschreven door: Benda-Beckmann, Bas von
Artikel door: Veen, Evert van der

Na het Achterhuis

Het einde van Anne Frank…

[Recensie] “Dit boek gaat verder waar Annes dagboek ophoudt”, pag 12. Haar dagboek behoort inmiddels tot de klassiekers van de wereldliteratuur en wie op zoek gaat – ‘ging’ moeten we momenteel even zeggen – naar het Achterhuis hoeft maar te zoeken naar een lange wachtrij om te weten waar zich dat bevindt. Zo abrupt als haar dagboek eindigt, zo eindigen ook de toneelstukken, films en musical over het gezin Frank dat samen met anderen onderduikt in het hartje van Amsterdam.

Hoe het in essentie met de onderduikers is afgelopen, is algemeen bekend maar wat weten we er verder vanaf? Behalve de naam van het concentratiekamp eigenlijk niets. Daarom voorziet dit boek na zoveel jaar in een leemte en probeert aan de hand van getuigenissen van mede-kampbewoners dichter bij de laatste levensfase van Anne Frank en anderen te komen.

Na het Achterhuis begint met een schets van het leven van de familie Frank en de politieke situatie van hun tijd. Na een maandenlange voorbereiding is de oproep aan Margot voor ‘werkverruiming’ de aanleiding om op 6 juli 1942 onder te duiken, samen met de familie Pels en Fritz Pfeffer. Ruim twee jaar weten zij zich schuil te houden in het Achterhuis tot er op 4 augustus 1944 een inval plaatsvindt waarbij iedereen wordt opgepakt. “Vanaf dat moment is hun bestaan in nevelen gehuld: acht mensen in een zee van miljoenen gedeporteerden en slachtoffers van de Holocaust.” pag 47

Bas von Benda-Beckmann, als historicus verbonden aan de Anne Frank stichting, heeft zeer goed verricht werk door hun spoor verder te volgen en elk brokstukje informatie dat met hen verbonden is, in dit boek bij elkaar te brengen. Eerder schreef hij een boek over het Oranjehotel in Scheveningen, waar in de Tweede Wereldoorlog veel mensen uit het verzet zaten opgesloten: http://www.leestafel.info/bas-von-benda–beckmann/21289-het-oranjehotel

Bazarow

Na het Achterhuis geeft gedetailleerde achtergrondinformatie over de kampen waarin de acht mensen terecht zijn gekomen en beschrijft op aangrijpende wijze de ervaringen van mensen in de kampen. Hierdoor krijgen we – weliswaar meestal indirect – een beeld van wat Anne Frank en anderen hier hebben meegemaakt. Door persoonlijke contacten komen zij nog dichter bij ons in deze laatste gruwelijke fase van hun leven. Het is uiteraard fragmentarisch maar toch maken we zo op afstand de reis van deze acht mensen door de vernietigingskampen mee. Zo zien we het leven van deze acht mensen “… in de bredere historische context van genocide en vervolging door het naziregime,” pag 49. Het boek doet denken aan de zeer indrukwekkende bundeling van getuigenissen uit de concentratiekampen Bij ons in Auschwitz door Arnold Grünberg.

We lezen over de voortekenen in de dertiger jaren, ervaringen van Joden in Duitsland, de razzia’s in ons land, de eerste gevangenschap in de Weteringschans, de treinreis naar het concentratiekamp en het verblijf daar. De beschrijving is sober maar duidelijk en juist daardoor indringend. Je leest dit boek dan ook met een zekere bewogenheid: dít gebeurde er dus na het verblijf in het Achterhuis. Na het Achterhuis beschrijft de organisatie van de kampen, de selectie bij aankomst en de gaskamers. De herinnering van Filip Müller, die tot het Sonderkommando behoorde, is buitengewoon indringend en zijn foto laat de blijvende pijn zien waarmee hij verder moet leven.

De beleving van de concentratiekampen is verschillend en daaruit blijkt dat mensen ook hierin van elkaar verschillen. Bas von Benda – Beckmann laat dat ook goed naar voren komen. Naast die menselijke verschillen is ook de plek die iemand in een kamp had van belang. Er waren mensen die in gunstiger omstandigheden, door gedwongen werkzaamheden, bepaalde ‘voorrechten’ genoten zoals meer bewegingsvrijheid en extra eten. Zo krijgen we een beeld van het ‘leven’ in de kampen en de wijze waarop mensen daar probeerden te overleven.

Er is veel geschreven over wat mensen nu wel of niet wisten van de Holocaust. In dat opzicht is het veelzeggend wat Anne Frank 3 februari 1944 in haar dagboek schrijft “… dat in Polen en Rusland, Millioenen en nog millioenen uitgemoord en vergast zijn,” pag 114 – 115.

Bijzonder is de wijze waarop Otto Frank weet te overleven. Hij praat met een andere kampgenoot over kunst en cultuur en bewust niet over de verschrikkingen die zij meemaken. Het is zijn manier van overleven door te “… proberen onze geest te redden”. Uit dat citaat blijkt zijn krachtige en onafhankelijke karakter terwijl vele anderen als een ‘Muselmann’ lijdzaam door het kamp lopen. Aangrijpend zijn ook de verhalen uit Bergen-Belsen waar een vrouw Anne en Margot ontmoet en geraakt wordt door de twee zusjes: “Het saamhorigheidsgevoel, op dat moment van och, daar heb je die twee kinderen ook. We koesterden een soort van bijna moederlijk gevoel voor hen, omdat ze tien jaar jonger waren dan wij,” pag 230 – 231. De herinneringen aan de laatste levensdagen van Anne en Margot zijn ontroerend: “je zag ze werkelijk doodgaan, beiden” zegt iemand die hen toen meemaakte.

Dit boek biedt een zeer waardevolle aanvulling op het dagboek van Anne Frank. Waar haar levenseinde tot nu toe wat algemeen bleef, komt het in Na het Achterhuis echt dichtbij, het kruipt onder je huid. Daarom is dit boek “niet alleen in historisch maar ook in moreel en menselijk opzicht” belangrijk zoals de slotwoorden luiden.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles