Vrijdag, 13 juli, 2018

Geschreven door: Moerman, Bert
Artikel door: Verplancke, Marnix

Niet dat het iets uitmaakt

Vrolijk nihilisme

De eerste zin

“Het stuk taart kon je ontwijken, maar de vuist niet.”

Recensie

De anonieme verteller uit Bert Moermans debuutroman beseft op een dag dat hij zich in de luren laat leggen. Hij heeft een luizenleventje als redacteur bij een uitgeverij en woont al jaren samen met zijn schat van een Sarah. Een gelukkige en voorspoedige toekomst lijkt zijn deel, tot hij zich afvraagt of hij werkelijk wel zo gelukkig of voorspoedig is. Misschien is hij nog veel te jong om zich te laten ringeloren door de sleur van het bestaan en wordt het tijd om het anker te lichten en zijn eigen koers te gaan varen, daagt het hem iedere dag meer en meer. Wanneer hij Anna ontmoet, een tv-presentatrice met kinky ondergoed en misschien nog wel kinkyer fantasieën, twijfelt hij dus niet lang. Vooral niet omdat Sarahs vader zijn dochter een koffertje zwart geld in handen heeft gestopt dat intussen al een paar maanden stof ligt te vergaren in het washok.

Wordt Vervolgd

Moerman bouwt vanuit dit vertrekpunt een amusant en volstrekt pretentieloos verhaal op dat je van de ene verrassing in de andere glimlach laat glijden. Die verteller blijkt bijvoorbeeld niet zo anoniem te zijn als gedacht. Dat ben jij immers, de lezer. Jij bent die redacteur die manuscripten soms al na een halve pagina aan de kant gooit en jij zit dan ook verschrikkelijk verveeld met het pak papier dat volgens je enige echte vriend zijn meesterwerk is. Terwijl jij het met de beste wil van de wereld niets vindt, maar dat kun je natuurlijk niet zeggen.

Het is trouwens ook door middel van die vriend Francis dat Moerman een extra niveau aan zijn boek geeft. Stel dat ik in mijn roman een koffertje met een miljoen dollar zou laten opduiken, verwijt hij zijn vriend-redacteur, dat zou toch geen mens geloven, maar jou overkomt het gewoon in het echt, te gek toch? En zo word je nog wel een paar keer door de schrijver bij de neus genomen. Hoe zit de vork nu werkelijk aan de steel en laat jij Sarah in de steek of zij jou? In deze roman lijk je als lezer bijzonder onbetrouwbaar en na iedere draai volgt een bijkomende twist. Wanneer één schrijver je vandaag een ontnuchterende spiegel kan voorhouden zal het Bert Moerman dus wel zijn.

3 vragen aan Bert Moerman

Waarom heb je je boek in de jij-vorm geschreven?

Moerman: “De ik- of de hij-vorm leken me saai. Door alles in de jij-vorm te schrijven wou ik de lezer het gevoel geven zelf in het verhaal te zitten. Al is dat voor sommige lezers wel even wennen. Zo kreeg ik van iemand de opmerking dat hij de eerste dertig pagina’s niet wist waar zijn hoofd stond. Ik geef toe dat het niet alledaags is, maar Jay McInerney deed het me al voor in Bright Lights Big City. Dat is het eerste boek in de jij-vorm dat ik ooit las. En ook daarin speelt een onbetrouwbare verteller de hoofdrol, wat ik altijd een interessant gegeven vind.”

Nu je het over McInerney hebt, ook jij hebt je roman in New York geschreven, toch?

Moerman: “Net zoals het hoofdpersonage van mijn boek achtte ik de tijd rijp om mijn leven om te gooien en datgene te doen wat wellicht op de bucket list van iedere geletterde mens staat, een roman schrijven. New York is voor mij de ultieme stad, de hoofdstad van de wereld. Stel dat ik in Gent of Antwerpen was gebleven, dan was er nooit een boek gekomen. Dus trok ik naar New York, schreef drie uur per dag en maakte daarna lange wandelingen, van soms wel dertig kilometer. Normaal heb ik het concentratievermogen van een kleuter, maar daar lukte me het wonderwel mijn aandacht bij het werk te houden. Ik heb daar zes weken non-stop geschreven en daarna ben ik nog twee weken in een noord-Frans hol van Pluto alles gaan herwerken. Het was heel intensief, maar voor mijn tweede boek wil ik het niet anders doen.”

Stel dat iemand me vraagt waar je boek over gaat, dan antwoord ik: over de noodzaak je leven in eigen hand te nemen. Juist?

Moerman: “Ieder mag uit mijn boek halen wat hij zelf wil, maar voor mij is het een waarschuwing voor mezelf: stel je niet al te gelaten op in het leven. Het lijkt soms alsof we heel weinig beslissingen zelf kunt nemen, maar we zijn echt de speelbal niet van de omstandigheden. Ik wil hier niet als de BZN klinken, maar ook al besef je dat het leven is wat het is, probeer er toch het beste van te maken. Het is een idee waar ik een vrolijk nihilisme uit put.”

Eerder verschenen in Knack