Zondag, 12 mei, 2019

Geschreven door: Eco, Umberto
Artikel door: Doorman, Maarten

Op de schouders van reuzen

Umberto Eco over logica, barok, Hitler en meer

Het is een van de vele anekdotes uit Umberto Eco’s Op de schouders van reuzen, een verzameling lezingen die de schrijver en filosoof jaarlijks hield op het literatuurfestival La Milanesiana. Overal duiken zijn bekende fascinaties op, van middeleeuwse logica tot samenzweringstheorieĂ«n, van paradox tot geheime leer, van Oudheid tot barok en renaissance.

Vooral de eerste helft van het boek staat vol prachtige observaties, over dingen die je op een of ander manier allang wist zonder je er van bewust te zijn. In middeleeuwse kunst, noteert Eco (1932-2016), lijkt het licht van de objecten zelf te komen, als bij figuren in gebrandschilderde ramen, terwijl in barokschilderijen het licht van buitenaf op de mensen en dingen valt.

Anders dan we denken kennen we romanfiguren vaak beter dan echte mensen die we kunnen zien, stelt hij in een betoog over ‘het onzichtbare.’ En het gekke is dat we de zelfmoord van Hitler in principe kunnen betwisten, maar die van Tolstojs Anna Karenina niet. Zo zou de waarheid van fictie uiteindelijk een lakmoesproef voor de historische waarheid moeten zijn, draaft hij vrolijk door. Een grappige gedachte, alleen berust de waarheid in romans of films eerder op het tijdelijk opschorten van onze reserves over wat echt is, de door Coleridge beroemd geworden willing suspension of disbelief.

Gaandeweg valt op dat Eco in deze lezingen op wel erg veel lange citaten leunt (maar met zo’n titel mag dat) en en passant graag nog wat kleine rekeningen vereffent. Met kardinaal Ratzinger bijvoorbeeld, inmiddels alweer paus-af. Of met Dan Brown, de concurrent die met zijn Da Vinci Code – 80 miljoen verkochte exemplaren – in dezelfde vijver vist van kerkelijke complotten, geheime tekens en thrillerachtige avonturen als Eco met De naam van de roos (50 miljoen). Eco publiceerde eerder al een pastiche op Brown en bespreekt hier nog eens de ‘talloze flaters’ uit diens werk en andere gemakzuchtige complottheorieĂ«n. Het zij de meester vergeven.

Wandelmagazine

Waar hij niet ongeestig verzucht dat het jammer is dat Plato nooit LĂ©vi-Stauss over de rol van het vuur heeft kunnen lezen, zou je net zo goed Aristoteles en Thomas van Aquino hebben gegund dat zij Eco tot hun beschikking hadden. Dat voordeel hebben wij, dwergen op de schouders van reuzen als zij.

Eerder verschenen in NRC Handelsblad en op Maarten Doorman